• Marije F. Muller

Normale drinkontwikkeling

Normale drinkontwikkeling van kinderen.

Baby’s drinken uit de borst of de fles. De tong vult nog bijna de hele mondholte en baby’s kunnen niet anders dan zuigend de voeding tot zich nemen. Vooral in het eerste jaar groeit het hoofd en krijgt een baby tanden, leert het kauwen en slikken zonder te hoeven zuigen. Als kinderen niet meer uit de fles of borst drinken dan leren ze uit een beker drinken. In eerste instantie doen ze dit vaak nog door het drinken naar binnen te zuigen, maar al gauw leren ze dat dat niet hoeft. Ze leren het drinken naar binnen te gieten en dit te controleren met de tong. Bijkomend voordeel: ze leren over balans, zwaartekracht, de eigenschappen van een vloeistof. Dit alles is voorbereidend rekenen!

In een wereld van rietjes en tuitbekers, de wereld waarin we niet steeds achter onze kinderen aan willen dweilen, leren kinderen het zuigend drinken niet af en daarmee het ‘normale’ drinken niet aan.


Wat gebeurt er als kinderen (en uiteindelijk volwassenen) een zogenaamde ‘infantiele’ slik hebben?

Doordat de tong een voorwaartse beweging maakt tijdens de slik duwt de tong tegen de voortanden. De tong is de sterkste spier in het lichaam en in 24 uur wordt er, behalve tijdens het eten en drinken, ongeveer 1500 keer geslikt. Bij een afwijkende slik worden de voortanden naar voren geduwd.

Bij een goede slik ontlucht de buis van Eustachius, de buis die van de neusholte naar de oren loopt. Een afwijkende slik geeft geen ontluchting aan de buis van Eustachius, waardoor er druk op de trommelvliezen kan blijven staan bij verkoudheden. Dit is een van de oorzaken van oorontstekingen en verminderd gehoor bij kinderen met een afwijkende slik.


Hoe zien we dat een kind afwijkend slikt en wat kunnen we er aan doen?

Drinken uit een rietje of een anti-lekbeker gebeurt altijd zuigend en dus afwijkend. Ook aan de geluiden bij het drinken uit een gewone beker kan je horen dat er zuigend gedronken wordt, het loslaten van het vacuüm geeft smakkende en zuigende geluiden. Als het kind de beker naar de mond brengt en de tong komt naar voren dan is dit ook een goede aanwijzing dat de slik afwijkend is. Tijdens het drinken kan je zien dat de kin ver naar onderen gaat als een slok wordt genomen bij afwijkend drinken. Ook heel langzaam drinken of slokje voor slokje drinken kan een aanwijzing van afwijkend drinken zijn.

Geef kinderen zo jong mogelijk een ‘gewone’ beker en geef ze ook een drinkbeker mee naar school in plaats van een pakje of rietjesbeker.

Soms kan het nodig zijn om een logopedist in te schakelen om een goede slik aan te leren.