• Marije F. Muller

De borst en/of de fles


Lange tijd werd er gedacht dat je alleen de fles OF de borst kon geven. Inmiddels is door wetenschappelijk onderzoek en veel ervaringsdeskundigen de mythe van de tepel-speenverwarring achterhaald. Gezonde, voldragen baby’s kunnen de borst EN de fles krijgen.

Een pasgeboren baby wordt geboren met een aantal voedingsreflexen:

  • De tepelzoek-reflex: bij aanraking van de wangetjes of rond de mond, gaat de baby met zijn mondje zoeken naar een tepel.

  • De zuigreflex: komt er iets tegen of in het mondje, dan gaat de baby zuigen

  • De zuig-slikreflex: als er na het zuigen iets in het mondje komt (melk) dan zal de baby slikken

Deze reflexen nemen af als de baby ouder wordt, rond de leeftijd van drie maanden zal het drinken niet meer reflexmatig zijn, maar willekeurig.

De reflexen in de eerste drie maanden zorgen ervoor dat de baby goed uit de borst kan drinken. Als de borstvoeding goed op gang is gekomen en er is sprake van dat de baby in de (nabije) toekomst ook uit de fles moet gaan drinken, dan is rond de leeftijd van 4 weken een goed moment om hiermee te starten. De baby drinkt met 4 weken nog reflexmatig, daarom maakt het niet uit of het een tepel of de speen van een fles in zijn mondje krijgt. Daarna is het verstandig om één keer per dag (of om de dag, maar in ieder geval regelmatig), een voeding uit de fles te blijven geven. Op een leeftijd van ongeveer drie maanden gaan baby’s willekeurig drinken, dit houdt in dat ze gaan drinken met de ervaringen die ze tot dan toe hebben opgedaan.

Wordt er te laat gestart met het oefenen uit de fles of de fles wordt maar een paar keer gegeven, dan ontstaan er vaak problemen op het moment dat de moeder aan het werk gaat en de fles gegeven ‘moet’ worden. De baby heeft dan in de periode van het reflexmatig drinken te weinig ervaring opgedaan om ook in de periode van het willekeurig drinken te weten wat hij met de fles moet.

Mochten er in de eerste periode problemen zijn met de borstvoeding, waardoor het kindje tijdelijk uit de fles gevoed moet worden, dan betekent dit niet automatisch het einde van de borstvoeding. Geklungel met cupjes en vingervoeden om vooral de fles niet te gaan gebruiken is niet nodig. Bij het geven van de fles aan pasgeborenen is het van belang om gebruik te maken van de reflexen: laat de baby happen naar de speen (tepelzoek-reflex), laat de baby de speen naar binnen zuigen (zuigreflex) en zorg ervoor dat je een speen gebruikt die alleen melk doorlaat bij het zuigen (zuig-slikreflex) om verslikken te voorkomen.

Schroom bij problemen of vragen rondom de voeding van pasgeborenen niet om een lactatiekundige of preverbaal logopedist in te schakelen.


© BijLogopedie, Marije F. Muller 06 22 098 136                           Zuidlaren                                     Bijgewerkt op 4 mei 2020